Diagnose COPD
Anamnese
- Aard en ernst van de klachten (hoest, piepende ademhaling, dyspnoe).
- Mate van hinder klachten (frequentie klachten, beperkingen) .
- Roken ( heden, verleden, pakjaren).
- Arbeidssituatie (beroep, ziekteverzuim).
- Ongewenst gewichtverlies.
- Psychosociale factoren (angst dyspnoe, klachten depressie, sociale situatie).
Lichamelijk onderzoek
- Inspectie ademhaling.
- Auscultatie longen.
- Gewicht, lengte, BMI.
Spirometrie
- FEV1, FVC en Flow-volume-curve (volgens Procedure spirometrie).
- Bij FEV1-FVC ratio < 0.7: spirometrie na bronchusverwijding met salbutamol of ipratropiumbromide.
- Voor ijking en schoonmaken klik hier
De diagnose COPD wordt gesteld bij patiënten ouder dan 40 jaar met klachten van dyspnoe en/of hoesten, al of niet met slijm opgeven, in combinatie met een relevante rookhistorie (> 20 jaar roken of > 15 pakjaren) én een FEV1/FVC-ratio na bronchusverwijding van < 0,7.
De FEV1/FVC-ratio daalt met de leeftijd; bij personen > 60 jaar kan een FEV1/FVC-ratio < 0,7 fysiologisch zijn. Stel daarom de diagnose licht COPD bij personen > 60 jaar alleen na herhaalde spirometrie en in aanwezigheid van luchtwegklachten én een relevante rookhistorie of een andere risicofactor.
COPD is voldoende uitgesloten bij een FEV1 > 80% van de voorspelde waarde en een FEV1/FVC-ratio > 0,7
Het indelen van de ernst van COPD vindt plaats volgens de GOLD-criteria en de ziektelast volgens de zorgstandaard COPD. Onderstaande tabel laat de 4 GOLD stadia zien.
Tabel1
Indeling van de ernst van COPD volgens de GOLD-criteria
| GOLD stadium | FEV1/FVC* | FEV1 (% van voorspelde waarde) | Prevalentie |
| I Licht | <0,7 | >80 | 28% |
| II Matig ernstig | <0,7 | 50 - 80 | 54% |
| III ernstig | <0,7 | 30-50 | 15% |
| IV zeer ernstig | <0,7 | <30 (of <50 bij longfalen) | 3% |
Diagnose


