Jaarcontrole

Let op: opent in een nieuw venster PDFAfdrukkenE-mail

Jaarcontrole

De huisarts doet op zijn minst één keer per jaar een regieconsult. In het standpunt jaarcontrole diabetes ZEL kunt u lezen hoe u dit regieconsult vorm kunt geven.

In de controle van de patiënt dient minimaal eenmaal per jaar het volgende aan de orde te komen:

  • Informeren naar
  1. Algemeen welbevinden en eventuele klachten
  2. Verschijnselen die duiden op hypo/hyperglycemie
  3. Hart- en vaatproblemen:
    • Extra aandacht hiervoor wanneer sprake is van een verhoogd risico bv na een eerder doorgemaakt myocard infarct, TIA, CVA, Claudicatio Intermittens.
    • Informeer naar pijn op de borst bij inspanning, oedeem, orthopneu, dyspneu d’effort
  4. Visusproblemen
    • Laatste bezoek oogarts
  5. Seksuele stoornissen zoals erectieproblemen, libidoverlies, verminderde lubricatie
  6. Alcoholgebruik
  7. Roken
  8. Laatste bezoek oogarts
  9. Sociale omstandigheden:
    • Hoe reageert de omgeving/partner?
    • Is men op de hoogte van het ziektebeeld?
    • Andere problematiek?
  10. Problemen met dieet:
    • Is het duidelijk waar het bij gezonde voeding en diabetes om gaat? Welke veranderingen hebben er plaats gevonden en is dit in te passen in het dagelijks leven
  11. Problemen met medicatie:
    • Vragen naar bijwerkingen
    • Worden de medicijnen wel eens vergeten in te nemen?
    • Weet de patiënt waar de medicijnen voor zijn?
    • Weet de patiënt wanneer de medicijnen ingenomen moeten worden?
  12.  Problemen met beweging:
    • Welke veranderingen hebben er plaatsgevonden en is dit in te passen in het dagelijks leven
  13. Ziekte-inzicht:
  •  
    • Is de patiënt voldoende geïnformeerd?
    • Is de patiënt op de hoogte van mogelijke complicaties?

  

  • Bepalen van
  1. Lab:
    • Glucose nuchter
    • HbA1c
    • Nuchter lipidenspectrum (cholesterol, HDL-cholesterol, LDL-cholesterol, triglyceriden)
    • Nierfunctie: kreatinine en kreatinineklaring (MDRD)
    • Albumine/kreatinine ratio in ochtendurine bij een levensverwachting > 10 jaar
    • Kalium bij gebruik diuretica of RAAS medicatie
  1. Bloeddruk
  2. Gewicht
  3. Lengte
  4. BMI
  5. Middelomtrek
  •  Controle van:
  1. De voeten
  2. Spuitplaatsen bij mensen die insuline spuiten
  3. Bloedglucosemeter
  4. Spuittechniek
  5. Insulinepennen
  •  Bespreken:
  1. Instelling naar aanleiding van het laboratoriumonderzoek
  2. 4-punts dagcurven bij insulinegebruikers
  3. Ingestelde en/of voorgenomen behandeling
  •  Noteren van bevindingen in HIS